Thuis in Nederland: “Het begint met een gezin”
Mohanad is 23, studeert, werkt bij de Jumbo en is penningmeester bij zijn studievereniging. Op het oog een heel gewone jongen. Maar hij is pas vier jaar in Nederland, verbleef in een azc en logeerde bij gastgezinnen. Hoe was dat voor hem?
Mohanad (Mo) ziet er uit als een vrolijke jongeman. Hij zit in een ruimte die er niet uitziet als een huis: hij is op school, want net hiervoor had hij nog les. Mo studeert namelijk aan de HAN. ‘Met het OV is het anderhalf uur rijden naar Arnhem, maar ik heb een auto, dus voor mij is het 25 minuten. Ik woon in een klein dorpje. Er rijden niet altijd bussen, dus een auto hebben is wel belangrijk. Mijn rijbewijs heb ik een jaar geleden gehaald.”
‘Het voelde steeds meer als familie’
Voordat hij zo’n anderhalf jaar geleden zijn eigen woonruimte kreeg woonde Mohanad, die oorspronkelijk uit Jemen komt, eerst een paar jaar in een azc en daarna bij elkaar anderhalf jaar bij gastgezinnen van Takecarebnb.
Met allebei de gastgezinnen heeft hij nog goed contact. Vooral het eerste gastgezin ziet hij nog regelmatig. “Ik ga bijna twee of drie keer per maand naar ze toe en we bellen ook vaak. In het begin vond ik het wel even spannend om te gaan logeren. Ik voelde me eerst echt een gast, wat ongemakkelijk, maar na een week was ik wel gewend. Het voelde steeds meer als familie.”
Hoe het lukte, om zich toch snel thuis te voelen bij het gastgezin? “Ik denk veel met elkaar spreken. We zaten echt elke avond samen te eten en dan voel je je gewoon niet meer als een gast. Dan voel je je gewoon als een deel van het gastgezin.” Het tweede gastgezin waar Mo logeerde, betrok hem bij elke familieactiviteit. Ook als er een feest was met alleen familieleden, was hij erbij. “Dan voel je dat je een deel bent van die familie, van het gezin. Dat hebben zij gedaan en dat maakte het wel makkelijker voor mij. Dan loop je gewoon in het huis alsof het ook jouw huis is.”
Connecties maken
Mohanad zocht vooral rust bij het gastgezin, om goed te kunnen studeren. Maar hij deed het ook om hier de cultuur te leren kennen: “Ik wil deze plek mijn thuis maken, had ik bedacht, dus dan begint het met een gezin. Daar leer je hoe alles werkt en hoe mensen echt denken. Dat leer je niet bij een cursus.”
Het verblijf bij de gastgezinnen bracht hem wat dat betreft wat hij ervan hoopte en misschien nog wel meer. “Als je bij een gastgezin logeert, bouw je een connectie en wordt het een soort van familie. Iemand die jou vraagt van, joh hoe gaat het? Dat is echt heel fijn. Als ik niet bij een gastgezin had gewoond, waren veel dingen wel lastiger geweest.” Als voorbeeld noemt Mo contacten: “Beide gastgezinnen hebben mij geholpen om connecties te maken. Zij kenden veel mensen bij verenigingen, zoals de voetbalclub waar ik lid van ben geworden. Zij hebben mij geholpen, want zij kennen de mensen.”
“Bij een gastgezin maak je kennis met andere mensen omdat je hen door het gastgezin kent, niet omdat je vluchteling bent”
De contacten die je via een gastgezin maakt zijn anders, voelen anders dan in het azc. “Als je in het azc bent, worden activiteiten vaak georganiseerd omdat je vluchteling bent. Dat is niet verkeerd, maar het voelt anders. Want je gaat naar een persoon, je bouwt een connectie, maar het is eigenlijk omdat je een vluchteling bent. Dat was de kern van de activiteit. Maar bij een gastgezin maak je kennis met andere mensen omdat je hen door het gastgezin kent. Dus dat is een ander soort connectie. Waardoor Nederland als jouw thuis wordt,” legt Mo uit.
Een andere cultuur in huis
Wat denkt Mohanad dat het logeren voor de gastgezinnen heeft betekend? “Ik heb het gastgezin wel eens gevraagd ‘waarom doe je het eigenlijk, dat je een gast gewoon opeens in je huis krijgt?’ Toen hebben we erover gepraat. Je reist als het ware naar een land, zonder dat je fysiek reist. Dat is eigenlijk een ander soort reis. Wanneer je als toerist gaat, zie je alleen maar de goede dingen van het land, maar dan zie je niet echt de cultuur. Maar als je iemand van die cultuur in huis krijgt, dan heb je echt alles naar je huis meegenomen, zonder dat je er heen moet”, vertelt hij.
“Dus het geeft een ander perspectief, een andere kijk op het leven. Ze hebben me ook veel vragen gesteld over hoe het echt in Jemen is. Bijvoorbeeld over oorlog. De media geven soms een ander beeld dan hoe het in werkelijkheid is. Dus daar wilden ze over weten, hoe dat is voor iemand die daar is opgegroeid.”
Een gezin dat achter je staat
Zou hij het anderen aanraden, het logeren? “Ja, zeker. Het was echt een heel goed begin. Beter dan inburgeringscursussen en wat je krijgt op school. Natuurlijk is school ook goed, lessen zijn ook goed, maar praktijk is ook nodig. Dus ik zou het echt aan iedereen aanraden.”
De steun van het gastgezin voelt Mohanad nog steeds. Toen het door de strengere asielpolitiek spannend werd of een vergunning voor onbepaalde tijd door zou gaan, kreeg Mo een bericht van Ilse, de moeder van het eerste gastgezin. “Ze zei ‘Mo, wij staan achter je”, vertelt hij glimlachend. “Maakt niet uit wat er gebeurt, je weet dat je een huis hebt in Oosterbeek’. Zo’n bericht, dat is heel groot voor mij, die steun. Weten dat er een gezin achter je staat, dat voelt echt heel fijn.”